Noord – midden

Las Palmas de Gran Canaria  – Teror – Tejeda

Vrijdag 2 december
In eerste instantie is het plan om rond half 11 via het park naar station Zuilen te wandelen, maar omdat het druilerig is pakken we de bus naar het centraal station. Ruim op tijd zijn we op Schiphol, voor onze vlucht van 14.15 uur. Ik bel mijn vader nog even. Michiel krijgt zijn moeder niet te pakken.
Enkele stoelen zijn leeg; de persoon naast me verhuist naar een andere stoel en zodoende is het rijtje van drie stoelen voor ons.
De vlucht gaat voorspoedig en de aankomst voelt als een déjà vu; het doet denken aan afgelopen jaar op Tenerife qua sfeer en ook hier deelt men plattegrondjes en dezelfde krant uit. Na een toiletstop gaan we via een gang – wat wel anders is dan op Tenerife – naar de bus en zijn we reeds 20 minuten na landing op weg naar Las Palmas de Gran Canaria stad.
Op basis van googlemaps hebben we een bepaalde halte in gedachte, die er niet is of die we gemist hebben, maar het busstation San Telmo is ook een prima punt om uit te stappen. Via drukke, gezellige winkel- en horecastraatjes wandelen we in een kwartiertje naar ons onderkomen. Een uithangbord ontbreekt, maar met behulp van het huisnummer en het ijkpunt dat Michiel in de GPS heeft gezet vinden we het vlot.

De Italiaan Luca, die dit pand sinds een jaar huurt, heet ons van harte welkom. Op de 700 m2 zijn acht kamers en vier badkamers, dus wachtrijen bij het sanitair zullen ons waarschijnlijk bespaard blijven. Het pand is in stijl gerestaureerd, met originele tegeltjes, mooi schilderwerk, deels nieuwe materialen en creatief hergebruik van oude materialen. Lepels zijn handvatten van kastdeuren of, net als kopjes, verwerkt in lampen. Er staan planten en op de keurige kamer en op het bed liggen fris-vrolijke kussentjes. We kunnen gebruik maken van de keuken en het flessenwater.
Het is kortom een feestje hier te arriveren. Luca zou het pand willen kopen, maar de eigenaar wil het helaas niet verkopen. We babbelen en Luca voorziet ons van informatie.

We eten bij het restaurantje dat hij ons aanbeveelt en waar we volgens hem een goed bord eten voor €8 kunnen krijgen en €10 inclusief een drankje. Michiel krijgt friet met kwaliteitsvlees, zonder groente. En ik een maistortilla met daarop avocado en rode ui, spinaziekroketjes en gefrituurde aardappelschijfjes. We betalen wat meer dan verwacht.

Na een potje typo, een woorden-kaartspel, duiken we moe het bed in en slapen we heerlijk.

Zaterdag 3 december

Voor het hostel

We ontbijten in het hostel en spreken Duitsers van wie we een wandelboekje lenen. Of de bussen hier ook een pasje hebben, weet men niet. Michiel en ik hebben de uitleg over waar de supermarkt is, ieder anders begrepen en we vinden deze niet.

De loterij is populair; op veel plekken worden loten verkocht.

De leuke overdekte markt, met een fleurige fruit en groentekraam, bereiken we wel. We kopen een prijzig, voorgesneden bijzonder soort fruit dat we later opeten op een pleintje. Het is lekker zoet, fris van smaak, niet extreem bijzonder, maar wel leuk geprobeerd te hebben. Met een bijgevulde tas met water, brood en avocado, wandelen we door de oude stad met mooie pleintjes en straatjes en bezoeken Casa de Colon -het huis van Columbus.

We spreken kort een straatmuzikant en geven hem een fooitje. Bij een supermarkt halen we walnoten, vijgen, tomaatjes, goedkope witte wijn , waarvan we de rode versie kennen van de Albert Heijn.

Vanaf een muurtje aan de kust spotten we kreeftjes op de ondergelegen stenen. Het water is helder en verderop zien we platforms en boten. Met afwisselend een zonnetje en een wolkje is het niet te heet en voelt het niet als de 25-27 graden die we soms aangegeven zien staan.
Het is even gissen of er verderop een tunnel is, zodat we terug kunnen via een route onder de weg door; dat kan inderdaad.

Terug in het hostel leggen we de wijn koel en drinken we wat watertjes. Op het dakterras peuzelen we de groene tomaatjes, nemen een wijntje en buigen we ons over de kaart, stippelen routes uit en fotograferen we routes uit het geleende wandelboekje.Intussen is het donker. De Duitsers bieden ons aan morgen mee te rijden naar de westkust. Binnen drinken we een wijntje met hen en bestuderen samen de kaart. Het is leuk morgen met hen mee te gaan en ook haalbaar met de rest van de plannen. Zij willen voor het donker terug zijn en wij voor 20 uur bij ons volgende hostel in Teror.

We kleden ons om en gaan de stad in. Vandaag hadden we een vegetarisch -veganistisch- eettentje gezien. Daar hebben ze mogelijk meer keuze en meer groente dan gisteren. Helaas blijken ze een overstroming of lekkage te hebben -ze zijn flink aan het dweilen- en zijn daarom gesloten.

In het straatje met vele restaurants en terrasjes eten we heerlijke gefrituurde aubergine met geitenkaas en honing. De andere tapas bestaan uit gerookte kaas met zoete tomatensaus eroverheen en pittige gekruide papas met spekjes. Toevallig wandelen de Duitsers -elkaars namen kennen we niet- langs. Half 11 gaan we lezen en slapen; morgen vertrekken we tijdig na het ontbijt van 9 uur.

Zondag 4 december
Als Michiel ’s nachts naar het toilet gaat, horen we dat het regent. ’s Ochtends regent het nog. Omdat de ingesloten patio als onderdeel van het huis voelt en er ook meubels staan, voelt het vreemd dat dat nu nat is. Meerdere gasten zijn nu tijdig bij het ontbijt, mogelijk is dat omdat gisteren het brood vlot op was. Luca werkt nu alleen en heeft het er druk mee.
De tassen zijn reeds gepakt, we halen de wijn uit de koelkast, trekken de schoenen aan en zijn klaar om mee te gaan met Claus en Doreté. We zeggen Luca vast gedag en hij vraagt ons of we het naar ons zin gehad hebben. Zeker, het is een fijne plek.

Eerst bezoeken we Cenobio de Valerón, een grottenwand die ooit voor bewoners als opslag voor voedsel, waaronder graan, heeft gediend. Het is een bijzondere plek en heeft een mooi uitzicht op de bergen.

Als we door rijden zie ik uit het landschap een zandkleurige puntberg oprijzen waar gekleurde huizen en flats tegenaan staan. Het ziet er leuk uit. Waarschijnlijk is dit Becerril de Guia. Intussen is het helderder geworden en zien we in de verte zelfs de Teide op Tenerife liggen.

M.b.v. Googlemaps vinden we, al rijdende door kleine plaatsjes en deels gaande over een ripio (onverharde) weg in de bescheiden – geen 4×4 – auto het startpunt van de wandeling aan het einde van de GC-231.

We gaan omhoog. Al spoedig bereiken we de plek die Doreté in gedachten heeft om aan te doen – de complete wandeling en weer terug is niet haalbaar – en we besluiten nog door te wandelen naar het stuwmeer.

Bij een winkeltje, waar het heerlijk naar eten ruikt, halen we een fles water en we lunchen nabij het stuwmeer. Vandaag eten we verse vijgen; het smaakt bijzonder en lekker.
Als we hier een stukje omhoog lopen, kunnen we de Roque Nublo boven het landschap uitsteken.

De terugweg gaat vlotter en ik heb geen last van hoogtevrees. Ik was benieuwd hoe het zou gaan, omdat sommige natte stukjes mogelijk glibberig zouden zijn en dat het in combinatie met de steilheid spannend kan zijn. Dat valt mee.

Na half vier zijn we terug en trakteren we onderweg in het dorpje Agaete, dat nog kleiner is dan ik dacht, op een drankje. Michiel is “geschokt” van de prijs; de twee koffie, een witte wijn en vers geperste citroensap kosten samen €5.

Claus en Doreté zijn zo vriendelijk ons op de terugweg zelfs bij het volgende hostel, net buiten Teror, af te zetten. Zijn rijstijl is wisselend van scherp en goed kijkend tot chaotisch en met wat hogere snelheid.
Michiel had het hostel vanochtend een mail gestuurd en sms-t nu dat we er eerder zullen zijn dan verwacht.
Van een afstand ziet het witte pand, waar je, zoals vrijwel overal, niet naar binnen kunt kijken, eruit als een spookhuis. José (zeg Gosé) en zijn vrouw -veronderstellen we- zijn vriendelijke mensen.
Het hostel heeft zeven kamers, is slechts sinds een half jaar open en het loopt goed; november was het vol, nu was het een tijdje leeg en met kerst zitten ze weer vol. Boven ons zit een Spaans stel en naast ons zitten Italianen.

De bedden schuiven we, zoals ook in vorige hostel, alvast tegen elkaar aan. Na de douche liften we met José en zijn vrouw mee naar Teror.

In het centrum zijn wat eenvoudig eettentjes; net iets meer dan een cafetaria. Michiel eet paella en voor mij is er salade met bladluis… en verder met sla, tomaat, mais, avocado, paprika en tonijn waar ik wat omheen eet en aardappel arrugadas (Canarische aardappelen). Deze zijn gekookt in schil met een zoutlaagje erop en worden geserveerd met een lekkere pikante tomatensaus. We kopen een fles met 8 liter water voor in het hostel.

Bij supermarkt Dino bekijken we de openingstijden voor morgenochtend en we wandelen terug. Gelukkig is het grotendeels verlicht, met aan het einde soms wat donkere stukken. De hoofdlamp zijn we vergeten mee te nemen; tijdig gaan we aan de kant voor het autoverkeer of klimmen we op een muurtje.

Als we bij terugkomst naar boven lopen en de lamp aan denken te doen, blijkt dat we op de bel van onze etage drukken. Alex, een Italiaanse jongen en zijn vader, doen open. Het zijn grappige luitjes. Ze vragen of wij weten hoe het koffiezetapparaat werkt, maar we worden er niet wijzer van. Alex is journalist en zoekt hier werk. Zijn vader zou hier ook wel willen wonen, zijn moeder is de vraag; zij zou het leuk vinden, maar zij heeft vliegangst na ooit een enge vlucht meegemaakt te hebben.
Alex spreekt, naast Italiaans, Engels, omdat zijn moeder half Italiaans-half Amerikaans is. Ook kan hij Portugees en een beetje Spaans.
Omdat hij met zijn vriendin een maand of acht in Groningen gewoond heeft, kan hij zelfs een enkel woordje Nederlands: “Nederlands is niet makkelijk. Twee kaartjes alsjeblieft. Tot straks”.
We lezen nog even in de woonkamer. Bekaf en met een droge mond van de rauwe ui val ik in slaap en word ik nog even wakker door een mug.

Maandag 5 december
Het is strak blauw. We starten de dag met lezen. Om 11 uur is er een busverbinding vanaf Teror naar Firgas met een overstap in Arucas.
We vinden geen bakker in Teror en halen het brood, maar ook avocado, water, gedroogde vijgen, pinda’s en bananen bij supermarkt Dino.

In de bus kunnen we een ticket tot Arucas kopen, waar we bij een halte met iets in de naam wat betrekking heeft op oudere mensen – dacht iets met senor, maar de kaart doet me later vermoeden dat het halte Club Pensionista zal zijn – overstappen. Onze bus is vertraagd en we zijn benieuwd of we de overstap gaan halen. Gelukkig gaat er eventueel een uur later weer een bus. Als we er bijna zijn, komt de chauffeur naar achteren gelopen om te zeggen dat we er hier, een halte eerder uit kunnen, het straatje moeten doorsteken om daar dan op andere bus te stappen. Vriendelijk dat hij er nog aan gedacht heeft. En fijn is dat we er eerder zijn dan het kleine busje dat ons naar Firgas rijdt.

Gelukkig heeft het busstation een toilet en na het bezoekje heb ik weer aandacht voor alles. Intussen is het bewolkter geworden, is het frisser, en doe ik een shirtje aan, dat bij de klim weer uit gaat. Bij de kerk op een pleintje eten we een broodje met avocado en kaas. Het is een leuk plaatsje met watermolen en een serie tegelplateaus met de weergave van alle Canarische eilanden.

Een man ziet ons zoekend kijken en wil ons helpen de route te vinden. Ik begrijp hem niet volledig, waardoor zijn goede bedoelingen meer onrust dan rust geven.
Opvallend is dat we voor het vinden van de route de gps en kaart nodig hebben, en anders een routeboekje, omdat de paadjes anders lastig te vinden zijn, of het onduidelijk is welk pad je op een splitsing moet nemen. De tweede helft van de route heeft meer bewegwijzering.

In eerste instantie kunnen we ergens de route niet vinden; het blijkt dat we omhoog moeten via een soort oprit die achter het huis een pad wordt.

Opvallend zijn de eucalyptus bomen en de typerende geur. Ook hier treedt de herfst in; loofbomen verkleuren en er zijn tamme kastanjes. Verder groeit er Oost Indische kers -zonder bloemen- en veel klavertjes drie, waarbij we er één zien waar ook bloemetjes uitkomen. Dat vinden we bijzonder en is voor ons een reden -net als dat een klavertje vier geluk brengt- om een wens te mogen doen; de wens ben ik vergeten, maar de strekking kan ik me wel bedenken.

We horen en zien -soms loslopende- honden. Daar balen we van, want beiden zijn we geen helden. We bereiden ons voor en pakken stokken en stenen. Gelukkig roept iemand zijn drie honden. Meerdere honden zijn, als je ze van je af moet zien te houden, altijd lastiger. Deze gaan nu eerst terug richting hun baasje, maar komen later toch weer deels op het pad af. Het gaat gelukkig goed.
Onderweg hebben we ook een paar keer een hondje dat lief lijkt, maar ook speels is en daardoor zenuwachtig gedrag heeft. Regelmatig slaan honden aan en sommigen komen het erf af. Gelukkig komen we er zonder kleerscheuren vanaf, maar onrust geeft het zeker.

Intussen is het wat opgeklaard en prima wandelweer, al is het wel klam.
Op de terugweg via Teror gaan we wederom via de supermarkt om water en voor twee dagen pasta ingrediënten te halen. Dat wordt een keer pasta met tomaten, courgette, ui en olijf. En de andere dag met paprika, oesterzwam, ui, olijf en roomkaas.

Rond half 7, schemertijd, zijn we terug en hebben we totaal 19 km -inclusief de aanlooproute naar de bus- en de nodige hoogtemeters in de benen.

Dinsdag 6 december
Behalve korte onderbrekingen door een mug en Michiel die vanwege hoofdpijn een paracetamol neemt, slapen we door tot half 10. Op de kaart zien we een wandellijn naar San Mateo, vanwaar ook weer bussen naar Teror gaan.
Het ontbijt met voor ieder twee bruine pistoletjes met tomaat en kaas blijkt voldoende brandstof voor dit traject. Na het riedeltje van douchen, tas gereedmaken en water overgieten in handzamere flessen, gaan we vanuit het hostel ditmaal naar rechts; een andere, rustigere en mooiere route die niet langs de autoweg loopt.
Bij een watertappunt – eerst denken we dat het een kerkje is – zijn veel mensen. Hier tapt men zuiver water uit de bergen. Omdat het door de rotsen gaat, schijnen er meer mineralen in te zitten, wat een licht prikkelend effect heeft. We mogen proeven en iemand vult een fles voor ons; we hoeven niet in de rij aan te sluiten. Via een steil trappetje naar boven, vervolgen we onze weg.

Het eerste deel gaat veelal over rustige geasfalteerde weggetjes. Er is een punt waar we een zandpad kunnen nemen, dat we eerst niet opmerken omdat het een oprit lijkt. Het laatste waar we behoefte aan hebben is het risico op honden die een eventueel privé terrein bewaken, dus nemen we dit pad niet. Dit deel zijn de honden ook weer vaker aanwezig dan ons lief is; gelukkig aan de ketting of achter een hek, maar de schrik bij het aanslaan is er niet minder om. Het komt agressief over. Permanent lopen we met stenen in de hand voor het geval ze wel los lopen en op ons afkomen. Beiden zijn we waakzaam. Soms zijn er loslopende honden -in de verte of dichterbij- , maar gelukkig blijken dit meestal rustige hondjes.

Het tweede deel van de wandeling gaat meer via paadjes, juist ook het laatste stuk bij San Mateo, wat ik niet verwacht had op basis van de kaart. Er loopt zelfs een pad door het dal, waarbij je de hoek met een haarspeld voor autoverkeer afsnijdt. Het pad wordt heel smal, waarbij we bukkend onder het riet door moeten. Sowieso valt het me op dat hier veel riet groeit, wat ik ook niet verwacht had, en verder zijn ook hier klavertjes drie en verder fruitbomen, klimop met allerlei bloemen en eetbare bloemen, al weet ik niet meer welke.

San Mateo oogt gezellig. Op een terrasje nemen we plaats op barkrukken aan een grote wijnton. Michiel neemt een koffie en we delen een wijntje. De medewerker is vriendelijk evenals de prijzen; de €3,50 ronden we af naar €4, waarbij we direct een flinke lading muntjes kwijt zijn. Ik vergeet m’n stok mee te nemen en haal deze op.

Op een bankje in het zonnetje, het koelt inmiddels af, eten we pinda’s. Iemand met een zoet ogend broodje passeert. Het maakt nieuwsgierig en verderop zien we in een straatje meer mensen met dezelfde tasjes lopen. En ja, daar blijkt een dulceria – oftewel bakker met zoet banket – te zitten.

De toonbank staat vol met heerlijke dingen en tegen de wand  staan diverse “turróns”.
We kopen een relatief kostbare plak (€6,75) Turrón Trufa, lijkend op een uit laagjes opgebouwde cake van verschillende smaken, als een welverdiend toetje voor vanavond.

Vandaag is de dag begonnen met bewolking en klaarde het op naar een blauwe lucht. Op het terras in San Mateo horen we dat er voor vandaag regen is voorspeld; dus ook hier zijn de voorspellingen niet altijd juist. Als we half 6 de bus terug nemen, trekt het wel dicht met mist.

In de bus terug hebben we dezelfde vriendelijke chauffeur als gisteren, die ons aan een bekende van de Wereldfietser doet denken. Hij herkent ons ook en vraagt of we naar Teror moeten, dus waar we gisteren juist opgestapt zijn.

Terug bij het hostel… wederom ogend als een spookhuis

Bij de supermarkt willen we water en broodjes halen, echter blijkt die nu -18.30 uur- gesloten te zijn, terwijl de winkel tot 20.30 uur open zou zijn. Eenmaal terug hebben we al met al 16 km gelopen.
We genieten van de pasta, getapt mineraalwater en de Turrón Trufa.

We eindigen de dag weer met een douche en lezen.

Woensdag 7 december
Ik word voor de wekker, die op 8 uur staat, wakker. Vandaag wandelen we met bagage naar Tejeda en willen we op tijd vertrekken. We delen de bananen en het laatste broodje met gesmolten kaas. Eenmaal op weg realiseren we ons dat we de blauwe plastic zak, die we om de neonverlichting hadden geknoopt -een niet werkende poging om wat meer sfeerlicht te creëren-, vergeten zijn weg te halen.

In Teror halen we twee flessen water en koop ik slippers, omdat er gisteren één stuk gegaan is.

Uit de drie routes richting Tejeda del Cruz, waarvan één als makkelijk en twee als medium zijn aangemerkt, kiezen we een mooi ogende medium route. Het is goed te doen, soms is het pittig, en het is warm. Na een paar dagen zonder bagage lopen, is het nu even wennen. Met name tot Teror, maar daarna verandert mijn stemming ten positieve. Helaas mist de borstband. Later deze vakantie kom ik op het idee daar een spanband voor te gebruiken.

In het begin, als we, al slingerend en klimmend tussen de huisjes door, de stad verlaten, horen we nog honden blaffen, maar later niet meer. We hebben geen klagen en de route is mooi, gaaf en rustig. Het gaat langs struikgewas, riet, smalle paadjes, stenen en keien met veel zon en af en toe schaduw. Vandaag leven we op de overgebleven pinda’s, walnoten en vijgen en hebben we geen broodjeslunch gekocht om het gewicht te beperken.

Na 14,5 km komen we, na vooral geklommen te hebben -van 500 naar 1600 meter-, en zonder andere wandelaars tegengekomen te zijn, bij Cruz de Tejeda. Op een terrasje te midden van de andere toeristen eten we een frietje en een hamburger. We horen Nederlands praten. Er staan wat ezeltjes, waar toeristen een ritje op kunnen maken.

Op de laatste 3,6 km naar Tejeda komen we, langs het wandelpad, twee picknickende dames tegen en later nog een stelletje. Hier is het vooral dalen, meestal niet al te steil.

Bij de Spar in Tejeda halen we ingrediënten voor een salade, omdat we nog niet precies weten wat de kookfaciliteiten in het appartement zijn. We genieten van het uitzicht en bellen, zoals afgesproken, met het hostel. De dame geeft aan dat we bij de kerk op haar kunnen wachten. Daar is het onduidelijk hoe verder, we bellen nogmaals en zij belt ons, wat we niet horen, maar uiteindelijk vinden we elkaar.
Zij blijkt hier een café-restaurant te hebben en we krijgen een biertje aangeboden. Ze regelt dat iemand, later blijkt dat de schoonmaakster te zijn, ons naar het lager gelegen appartement brengt.

Hier aan de rand van het dorp, een beetje voelend als “in the middle of nowhere”, zijn we de enige gasten. Inmiddels is het donker, dus morgen eens kijken wat hier het uitzicht is; we weten dat dat op de bergen is.
Het appartement is ruim, met slaapkamer, kasten, zithoek, eettafel, groot aanrecht en badkamer. Buiten lopen jonge, mauwende, katjes rond.
Na de bonensalade geniet ik van een douche waar ik echt aan toe ben. Na de 19 kilometer lopen en 1200 meter klimmen voel ik mijn spieren, voeten, knieën en schouders. Ik ben rozig, bijna koortsachtig, van de zon en buitenlucht.

Het is 21 uur als ik in bed het verslag van vandaag inspreek, om thuis uit te werken.