Corsica 1-2-3

Zaterdag 24 augustus 2013

Na een onrustige nacht neem ik de trein van 9.15 uur naar Schiphol. Ik koop toch daar een fietsdoos;  ik had wel een grote doos bij een fietsenmaker gehaald, maar zowel het gesleep met een doos en fiets in de trein, als het feit dat die doos te groot is voor mijn fiets, doen me besluiten dat ik dan liever op Schiphol een doos aanschaf. De fiets zal in een grote doos gaan schuiven of ik moet de doos kleiner maken.
Op Corsica hoop ik de doos ergens  te kunnen achterlaten voor de terugweg en dan vallen de aanschafkosten  mee (€20) voor goede bescherming van de fiets voor een retour.

Ik blijk behoorlijk gaar. Eerst plak ik de doos op de kop in elkaar. Niet handig als ik wil dat ze de doos met  fiets rechtop vervoeren. Vervolgens zit de fiets erin en ben ik vergeten wat lucht uit de banden te laten lopen; op zich is dat voor de banden meestal geen punt, maar sommig luchthaven personeel wordt daar zenuwachtig van.

Mijn zusje en familie komen nog even langs. We gaan in de personeelskantine nog even wat drinken. Verder geef ik de spiegelreflexcamera, rol tape en fiets t-shirt mee aan hun. Ik vind dat ik teveel bagage heb. Aan het einde van mijn reis blijkt dat ik het ook niet gemist heb.

Vertrek Schiphol en aankomst Ajaccio bij prima weer

De vlucht gaat om 12.55, althans dat is de bedoeling. Het vliegtuig is dan wel niet geheel bezet, maar de banen op Schiphol zijn wel vol, dus vertrekken we een klein half uurtje later. Het is een rechtstreekse vlucht van 2 uur vliegen. Bij het landen hebben we een prachtig uitzicht op Ajaccio en de bergen. De bagage is er vlot. Dat is iets wat de laatste jaren op veel luchthavens verbeterd lijkt.
We komen op het idee eens bij de autoverhuur -niet bij de loketten, maar de garageterreinen- te vragen of we de dozen daar mogen stallen. We hebben direct beet, bij Hertz worden ze keurig in een afgesloten bagagehok neergezet. Dat is super!

We kunnen naar Ajaccio. Het zoeken naar geschikte brandstof voor de MSR brander is een ingewikkelde klus. Met moeite vinden we een bergsportwinkeltje dat getipt stond op de site van de Wereldfietser. Helaas vangen we hier bot. Dan de grote supermarkt in. Er staan de nodige brandbare stoffen, maar welke is geschikt voor de brander?  In de handleiding van de MSR-brander staat een aantal Franstalige genoemd, ook had ik vooraf nog een site gevonden, die weer andere woorden hanteert  voor de toegestane brandstoffen. Dat was al verwarrend en hier worden weer andere termen gebruikt. Ook het personeel van de supermarkt raadt het af hun brandstoffen te gebruiken. Dan maar naar Decathlon, wat we achteraf gezien beter al direct vanuit de luchthaven hadden kunnen doen. Maar goed, dat was waarschijnlijk 10 km fietsen met bagage, mogelijk over bergen, wat ons geen handige start leek. Nu doen we dat dus alsnog; de route is niet zwaar. Ook Decathlon kan me niet verder helpen, dus koop ik een gasbrander.

Het is verstandig eens wat te eten en dan vlot naar de camping te gaan, omdat het rond 20.30 uur donker zal zijn;  dat is wennen. Op dit bedrijvengebied vinden we een pizzeria. Aangezien de oven nog op temperatuur moet komen, besluiten we een sandwich (belegd stokbrood) te nemen op deze “gezellige” locatie, maar wel met vriendelijke bediening. Ondanks dat we tamelijk vlot eten,  fietsen we toch al in de schemer.
De camping is afgesloten met een hek. Via de intercom zegt de dame dat de camping “complet” dus vol is. Met  het noemen van “bicyclette” en “velo”, laat ze ons gelukkig alsnog toe en kunnen we op een klein, met grind bedekte campingplaats voor gehandicapten, onze tent opzetten. Hopelijk is deze ondergrond niet al te slecht voor het grondzeil van mijn gloednieuwe Hilleberg tent. We hebben hierbij hoofdlampjes nodig. Later komen ook nog 2 backpakkers uit Duitsland hun tentje opzetten bij ons op de plek. De jongen helpt ons de volgende ochtend de gasfles aan de nieuwe brander te monteren; de handleiding ontbreekt namelijk en het is een voor ons onbekende versie.

Zondag 25-8-13 Ajaccio-Piana

Ik slaap licht en heb opnieuw een matige nacht.  Ik hoor Joyce haar tassen herpakken, honden blaffen en campingbezoekers die in de nacht terugkomen. Rond 10 uur vertrekken we. Eerst pinnen we, wat er gisteren bij ingeschoten is, en doen dan boodschappen.
Het eerste stuk van de D61 (een witte kleine weg op de kaart) is wat minder rustig dan ik bij voorbaat zou verwachten. Later wordt deze rustiger. Het kan ook zijn dat het lijkt alsof dat deel drukker is, omdat wij klimmen en dus langzamer zijn en langer op deze weg zitten. Het is direct al wel even pittig klimmen.

De D81 is in het begin behoorlijk druk….als dit het standaardbeeld is voor de Corsicaanse wegen, dan ruil ik de fiets in voor het wandelen. Gelukkig wordt het later rustiger. Het is een weg met klim- en daalwerk, zoals heel Corsica (op de oostkust na) zal zijn.

Rond Plage du Liamone is een stuk strand met prachtig hoge golven. We proberen dit zo mooi mogelijk vast te leggen op onze camera’s. Er vormt zich een schuimlaag op het strand. Bij Cargèse pakken we in het leuke doorgaande straatje een terrasje bij een soort delicatessenwinkel, waar er wel meer van zijn op Corsica.

Kort hierna besluiten we of we doorgaan of dat we hier ergens een camping nemen. We gaan door. Een klim van ongeveer 10 km volgt,  met 6,5-10 km/uur trappen we naar Piana. De eerste helft van de klim vind ik pittig. Het is wel te doen, maar merk wel verzuring in de benen en ik krijg slaapvoeten. I.v.m. het tempoverschil tussen Joyce en mij, fietsen we hier verder uit elkaar.

In het routeboekje staat een gîte bij Piana genoemd en van een collega heb ik gehoord dat hij hier een camping gezien heeft. Joyce is sneller en is hier alvast heen gegaan. Camping Bivouac, is een minicamping met een mooi veldje en een gîte waar men kamer/bed kan huren. Het sanitair is met jaren zeventig tegeltjes.
Dat gaan we hier meer tegenkomen.

De afdaling naar Porto is dus voor morgen; dat is een fijne start en bovendien vind ik afdalingen soms spannend en doe ik dat liever als ik fit en scherp ben.

Piana, of vermoedelijk het gebied eromheen, valt onder Unesco. We gaan uit eten in dit schattige dorpje. Voor mij wordt het een Corsicaanse omelet met mint en de lokale zachte kaas, brocciu, gemaakt van schapen- of geitenmelk. Rond 22 uur gaan we slapen, morgen willen we 7 uur op voor de volgende etappe.

Maandag 26-8-2013
Weer slaap ik onrustig, ondanks dat de camping rustig is. Als ik minder goed slaap en dus vermoeider ben, kan ik als een berg tegen de bergen op zien. Ik sta wel op de afgesproken tijd op, Joyce volgt een half uur later omdat ze het idee had dat ik ook nog sliep en zij ook nog wel wat slaap kon gebruiken. We ontbijten rustig. Rond 9 uur zitten we op de fiets en starten we met 11 km afdalen naar Porto.

Het is een prachtige afdaling, vooral het eerste stuk met de rode rotsen. In Porto halen we bij de bakker die langs de weg zit, brood. De komende 40 km zullen volgens de routeprofielen in het boekje vooral klimmen dan wel stukken met min of meer vlak terrein zijn. Het gaat goed en het gebied is mooi.

Net als gisteren – toen 5 stuks – zien we ook vandaag bepakte fietsers en racefietsers. We rijden vandaag over tamelijk rustige wegen of wegen waar de automobilisten vermoedelijk vooral toeristen zijn, die over het algemeen rustig rijden. De eucalyptusboom komt hier veel voor en doet me door de geur denken aan de vuurtjes in Chili.

Bij de Col de la Palmarella spreken we nog een stel uit Parijs dat met zeer licht bepakte fietsen hier een week rondtrekt.

De D81b is een lappendeken van verschillend gekleurde stukken asfalt en daarmee oneffen maar rustig en mooi om te fietsen.De route gaat vandaag slingerend langs de inhammen van de kustlijnen; vaak zie je aan de overkant van de baai alweer de lijn van het vervolg van de weg. Vaak daalt de weg  de baai in en is de weg weer stijgend als je eruit rijdt. Overigens ga je daarbij gelukkig lang niet altijd geheel naar zeeniveau terug.

Calvi is toeristisch, het Zandvoort aan Zee van Corsica. Alhoewel de sfeer hier heel anders is. In de jachthaven liggen de nodige luxe decadente schepen. Het valt me op dat ik hier voor het eerst (loslopende) honden zie. Er zijn meerdere campings. Op de camping krijgen we 2 plekken tussen bomen toegewezen. Eén plek lijkt echter te smal voor onze tent, maar die kunnen we op een ander stukje van dit tamelijk volle zanderige, winderige -ondanks de aanwezigheid van bomen- veldje neerzetten. De camping spreekt wat minder aan, omdat je nogal dicht op elkaar staat, al is het verder een kleinschalige camping.

Voor het eerst koken we. Onze buren maken ruimte voor ons aan de picknicktafel, waar we pasta klaarmaken. Zoals vaak het geval is met kamperen, smaakt de eigengemaakte maaltijd goed.

’s Avonds wandelen we door het stadje langs de luxe jachten, over de boulevard, langs terrasjes en het fort (citadel). Typisch Corsicaanse muziek, een 3 stemmig koor, klinkt vanuit een kerk nabij de citadel . In het kader van de Tour de France die hier een aantal maanden geleden op Corsica startte, is de poort van de citadel opgetuigd met fietsen, wat ik natuurlijk ook op camera vast wil leggen.

Rond half 1 duiken we ieder onze tent in. Het douchen, moet wachten tot morgen, omdat er nu geen licht meer is bij de douches. Het valt me op dat we tot nu toe dagelijks een welkom briesje wind hebben, zodat de temperatuur niet te hoog aan voelt.