Oostenrijk – Zwitserland – Italië

Maandag 10 september
92 km
Camping € 17.50

Rustig nemen we een theetje en koffie. Naast ons is een man alleen in een camper. Beiden denken we aan het feit dat dit misschien ongewild is; wie weet is hij weduwnaar. Een verdrietig idee dat dit uiteindelijk vrijwel iedereen staat te wachten, dat er één over blijft. Ook na het uitgaan van een relatie, realiseer je je nog sterker wat je ook mist, ook al ga je niet voor niets uit elkaar.

Bij een spoorwegovergang die gesloten is, zie ik een kledingzaak à la Zeeman; Michiel kijkt of ze slippers verkopen. Dat is niet het geval. Tijd hebben we hier niet mee verloren, want de spoorweg is juist weer open.

In Mittelwald, 10 km verderop, genieten we van een rabarbercake en bosvruchtencheesecake. Het is wederom zonnig. Tot nu toe hebben we veel geluk met het weer; waarschijnlijk wordt het eind van deze week wel minder. Gezien het weer, kunnen we richting Italië wel de Timmelsjoch van ±2500 i.p.v. de Reschenpass van ±1500 meter nemen. Als we vandaag het Ötztal 25 km in fietsen, de dagafstand wordt dan 85 km, dan kunnen we morgen een rustdag houden en dan woensdag de pas over gaan. We lezen dat in dat dal een natuurcamping is met volgens de site nog het echte kamperen; dat trekt wel na de grotere campings met veel caravans. Met de taartjes kunnen we de klim van vandaag over de Buchener Höhe vast aan.

Het is eerst een steil stuk, waarbij we een fotostop hebben voor het “Oostenrijk” bord. Een lang stuk vals plat volgt, door groene weilanden te midden van bergwanden, met de Oostenrijkse vakantiewoningen inclusief bloemen. We rijden met de auto’s op de weg, die bij de bebouwing nog 70 km/uur mogen rijden, erbuiten harder. Sommigen rijden flink door, met name op de rechte stukken. Ik kijk wat alerter in de spiegel.

Het laatste stuk is even flink steil; 2x stap ik even af. Al met al is dit deel van klimmen-vals plat-klimmen, 20 km. We stoppen op de top en drinken water. De fietsers die voor de 2e keer steil klimmen langs de weg stonden te fotograferen, stoppen ook en we raken aan de praat. Kort erna volgt de Nederlander. Hij is rond half 10 vanuit Garmisch-Partenkirchen vertrokken. Dat is vlot; want hij is een half uur eerder gestart op 4+14 km voor ons vertrekpunt. Onze taartenstop heeft natuurlijk wel vertraagd.

Wij gaan vast een stukje verder naar het uitzichtpunt, waarbij je op Telfs kijkt. De anderen volgen. Naar beneden toe willen we nog wel een keer een foto maken; dat is eigenlijk wel lastig omdat de Nederlander ook achter ons zit en Michiel voelt dat we hem beiden op z’n hielen zitten. Maar het lukt veilig een stop te maken. In Telfs slaagt Michiel bij de C&A voor een set slippers.

De route Telfs naar Haiming, waar we ergens het dal zullen inslaan richting de 2500 meter pas, is min of meer vlak. Het gaat deels langs bedrijventerreinen en wordt later mooier langs de helder en wild stromende Inn.

Na een flinke tijd, pas rond half 3 of later, eten we brood bij een kerkje midden in het veld. Het is half 5 als we bij het punt staan om af te slaan. Michiel is niet heel fit. Mogelijk moeten we meer eten; de maaltijden zijn niet forser dan thuis, terwijl we meer verbruiken. We komen erachter dat we nog 30 km naar de camping moeten; en dat het van ongeveer 650 naar 1200 stijgt. Dat is nog pittig voor vandaag. We kunnen ook hier een camping nemen en dan morgen dat stuk doen. Een rustdag zit er mogelijk niet in, als we woensdag de pas over willen, omdat het dan waarschijnlijk nog goed weer is.

We bedenken dat we mogelijk onnodig veel van onszelf vragen en we ook door kunnen via de reguliere route over de 1500 meter pas. We zien dat er in Landeck mogelijk een leuke camping is; het is omschreven als klein en gemoedelijk. We besluiten daarnaar toe te fietsen. Dit deel langs de rivier gaat wel meer op en neer dan het vorige, met nog een kort stukje van 18% in beide richtingen. M’n billen branden van het zout. 10 km voor Landeck slaan we tortilla’s in voor het avondeten. Dat kunnen we koud eten wat praktisch is gezien de te verwachten aankomsttijd. Die wordt 18.30 uur.

De camping ligt op een aparte locatie, te midden van een bedrijven-winkelstraat. De man van de camping wenkt ons al naar het tentenveldje. Het is een kleine camping; het veldje is voor de niet gemotoriseerde reizigers en doet aan als een achtertuin. De enkele motoren, auto’s en campers staan op het kleine terrein ernaast. Het sanitair oogt uit lang vervlogen tijden, maar is netjes.

Er is een Zwitserse fietser en een wat ouder Amerikaans stel of vrienden. Michiel bereidt het eten zo goed en kwaad als dat gaat voor, tijdens het kletsen met de Amerikanen. Ik richt eerst de tent in en help daarna bij klaarmaken van het eten; al is het afgieten van de blikjes, als je daarvoor naar het sanitair gebouw wilt, niet te combineren met het kletsen. Uiteraard gaat het over Trump en dat zij, Joel en Kathleen, twee maanden hier kunnen fietsen, zodat ze in november terug zijn om te stemmen in de hoop dat de democraten in de Senaat de meerderheid krijgen. Daarnaast hebben we het over de fiets – autocultuur hier en in de V.S.

Inmiddels is het donker en zien we niet meer met wie we praten. Ik snak naar een warme douche en duik graag de slaapzak in; ben wel even op voor vandaag.

Dinsdag 11 september
Rustdag
Camping € 17,50 incl taks

We blijven hier een lekker dagje hangen. De kans is aanwezig dat het gedurende de dag gaat kriebelen dat we toch verder willen fietsen. Toch is 3 dagen verslagen bijschrijven, wassen e.d. ook wel fijn.

In de wasmachine moeten munten, maar bij de receptie is het grootste deel van de dag niemand. Een handwas doen en dan de centrifuge gebruiken is ook prima. We laden de apparaten en op de tablet surfen we wat tentensites af.

Het is een tafeldans; met regelmaat verplaatsen we de tafel, zodat we in de schaduw zitten, nu het 26 graden is.

Michiel haalt sap en avondeten bij de Lidl 100 meter verderop en ik typ de verslagen vanaf zaterdag. Inmiddels is het 14 uur en bevalt deze rustdag nog steeds. Michiel is in zijn boek verzonken. We willen nog een ommetje maken en kwatro spelen; dat lijkt nog wel haalbaar. De tafel zetten we terug op het stenen terras, mochten er nieuwe gasten komen.

Via een klimmetje langs een kerkje gaan we naar het centrum, waar we het niet na kunnen laten 2 (buiten)sportzaken in te gaan. Ik koop 2 sportshirts. Een volgend klimmetje leidt ons naar het klooster. Via trappetjes slingeren we terug, onderweg nog wat walnoten rapend.

Het blijkt geen overbodige luxe de tafel teruggezet te hebben. Op ons veld zijn er 4 tentjes bij gekomen. Eind van de avond staan we met 6 tentjes voor 10 fietsers op het aparte veld. En op het terrein naast ons staan nog  5 tentjes voor 7 fietsers. Niet eerder, behalve een wereldfietsersweekend, zijn er zoveel fietsers op een camping. We zijn in de meerderheid op deze kleine camping. We koken gnocchi die wat papperig uitpakt, met daarbij vegievlees, champignons, wortel en brownie-ijs toe.

We kletsen met een stel jonge Duitsers uit de omgeving van Stuttgart die nu 3 maanden gaan fietsen en een week onderweg zijn. Een ouder Duits echtpaar schuift aan; zij zijn op sportieve elektrische fietsen. Ze hebben 4 zoons en een dochter waar ze in het verleden fietsvakanties mee deden. En ze hebben 11 kleinkinderen. Naast ons is een 5-tal fietsers een uitgebreide curry met pompoen en courgette aan het maken. Wat een gezelligheid van gebabbel, tentjes, gekook. Dit is waar ik van geniet en behoefte aan heb i.p.v. aan stacaravans. Prima virus; die fietsreizigers.

We eten nog wat pinda’s van het jonge stel en beloven morgen een omelet voor ze te maken. De 6 eieren hoeven we tenslotte niet allemaal zelf op te eten. We delen ons pak sap. Ze kennen Warmshowers, maar hebben dat nog niet gebruikt, temeer hij nu een kamer heeft en met anderen woont, dus niet een host kan zijn.

Voor het douchen spreek ik nog een jongen die 2,5-3 weken geleden uit Londen vertrokken is. Hij fietst 90-100 km/dag. Vandaag 140 inclusief klim; hij kon geen camping vinden en is nu volledig stuk. Het is voor hem een les, dat hij het wel wat rustiger aan kan doen. Hij heeft zijn baan verlaten, gaat door naar Slovenië, Kroatië, Bosnië en Macedonië naar Istanbul. Dan ziet hij wel verder; een einddatum is er niet. Ik tip hem Warmshowers.
Rond 22 uur duiken we na een douche de tent in. Wat een fijne rustdag; al ben ik mogelijk wat druk, hyper en enthousiast als ik weer fietsers zie en spreek. Daarom zeg ik al tegen Michiel “je stoort je mogelijk wat aan mijn enthousiasme”.

Woensdag 12 september
82 km
Camping € bedrag vergeten
Italië in

Opvallend in Zuid-Duitsland en Oostenrijk zijn de houten schuurtjes op de weilanden en grashellingen. De glooiingen van deze hellingen doen me denken aan de landschappen zoals bij modelspoorbanen gebruikt worden.

Dagelijks zien we fietsers; mede door de toename van het gebruik van de (sportieve) E-bikes. Dit voelt dubbel. Ik vind het een positieve ontwikkeling dat fietsen voor meer mensen mogelijk is, hun actieradius wordt vergroot. Mogelijk draagt het ook bij aan de verkeersveiligheid, omdat automobilisten meer gewend raken aan fietsers of zouden ze zich er juist aan storen als ze er even achter moeten wachten? Op vlak en dalend terrein blijven wij vaak sneller dan de E-bikers die niet hun maximale capaciteit aan ondersteuning gebruiken. Bij klimwerk lopen ze soms op ons in. De toenemende fietsersdrukte en dat elkaar “achtervolgen” hoeft van mij niet. En als vakantiefietsers zijn we nu wat minder uniek. Deze gedachtenspinsels zijn slechts een luxeprobleem.

We maken omelet, ook voor Luis en Laura. Zij nemen voor ons broodjes mee van de Lidl. Vele fietsers zijn weer aan het opbreken.
Bij vertrek wisselen we emailadressen uit; aan haar naam zien we dat ze Nederlandse roots heeft, maar ze spreekt de Nederlandse taal niet.

De route gaat op en af via de weilanden tussen de gebergtes door; beetje zoals in Slovenië. Vrijwel dagelijks ruik ik de springbalsemien wat me aan mijn jeugd doet denken, vooral het laten knappen van de dikke rijpe zaadlob tussen de vingers. Nooit geweten dat je de zaadjes kunt eten. Regelmatig kruisen we middels een bruggetje de rivier de Inn. We fietsen wisselend in de zon en schaduw, wat best fris aanvoelt.

We zitten goed in ons fietsritme. Voor de echte klim, die na 44 km. begint, tikken we Zwitserland even aan. Langs het pad naar een brug liggen kleding en consumpties; “hier is Jos Brech ook geweest”, grappen we. Ook eerder op de tocht hebben we al eens een dergelijke conclusie getrokken. Jos Brech werd onlangs gezocht n.a.v. DNA onderzoek i.v.m. de verdwijning van Nicky Verstappen. Hij overleeft soms periodes in bossen en is onlangs gevonden bij een commune in Spanje.
De brug is geblokkeerd, het blijkt dat we moeten omkeren en daar gewoon op de reguliere weg moeten fietsen.

Hier komen we een fietser tegen op een Kalkhoff fiets, waarschijnlijk een Duitser, die ook op weg is naar Venetië. We spreken hem kort en stappen weer op. Ik merk dat ik de behoefte heb door te fietsen en zo te profiteren van de goede fietsbenen van vandaag. Mogelijk is het voor hem niet zo leuk dat we het kort houden; we passeren elkaar nog een aantal keer en groeten vriendelijk.

Op het Zwitserse deel van de route zijn werkzaamheden -het lijkt de dag van de wegwerkzaamheden-, want later op de dag blijken ook in Italië werkzaamheden plaats te vinden. Het is bij Martina, nabij de grens, even wachten tot het verkeerslicht groen sein geeft. Voor de klim nemen we een mueslireep en paranoten. Het is warm vandaag; de bomen op de berg houden niet overal de zon tegen, maar het is goed te doen.

Op deze plek komen later de auto’s aanscheuren

Het geluid van motoren….steeds harder…..het blijken geen motoren maar auto’s. Cabrio racemodellen. We staan te pauzeren na een bocht, dicht langs de vangrail; ze komen vanaf beneden vol gas aan. Ze wanen zich duidelijk op het circuit van Zandvoort, racen de bocht door, waar ze beiden uitbreken…. gelukkig vinden ze de controle over het stuur terug, anders zouden we zeer waarschijnlijk geraakt zijn. Wat een asociaal, griezelig gedrag van deze mannen van middelbare leeftijd. Bij dit soort situaties, ons en anderen in gevaar brengend, vind ik dat je de veroorzaker het ergste mag toewensen. Ik hoop dat ze vlot tegen een boom knallen, zonder andere slachtoffers te maken en zelf pittig gehandicapt achterblijven. Ja….dat is een harde en slechte gedachte, maar het is echt eng en kwetsbaar daar te staan en aan de grillen van andere weggebruikers overgeleverd te zijn.

Links op de top, overigens zonder bordje met de hoogtemeters, alvorens af te dalen.

In Nauders haal ik een drinkyoghurt. We stijgen nog licht richting het meer, Lago di Resia, ook wel Reschensee. Het is meer vals plat met het eerste deel tegenwind, daar houd je niet altijd rekening mee. Na een lunchpauze gaan we vol energie verder.

We rijden Italië in en verderop genieten we van de mooie uitzichten bij het meer. Een prachtig fietspad, soms pittig op en neer, maar dat deert niet. Het is super fietsen. De weersomstandigheden zijn optimaal om te ontspannen en te genieten van de sfeer, mooie kleuren en het heldere zicht.

We zien de verloren toren van Alt-Graun boven het water uitsteken. Na de aanleg van het stuwmeer en de dam, kwam een deel van dit gebied onder water te staan; de huizen werden afgebroken en deze toren herinnert aan het dorpje dat hier eerder was.

Een stuk verder komen magische poedersuikerbergen tevoorschijn. Prachtig. We fietsen de stuwdam over met aan de linkerkant zicht op grote kommen…. ideaal voor een mega mega sorbet. Links hebben we zicht op het meer, rechts op de weilanden en een Italiaans dorpje. Het dorpje met het kaarsrechte fietspad dat erheen loopt, vormt een mooi beeld.

Een helikopter vlieg over ons…. de koeien stuiven weg. Gaat hij landen…. nee toch niet. We zien een waas, is dat van een bosbrand of is het stof en zand dat opwaait door de helikopter? Eerder vandaag zagen we ook al een helikopter, iemand hing eronder aan een kabel om aan de hoogspanningsleidingen te werken.

Op het laatste deel van de route zijn werkzaamheden en staat een omleidingsroute aangegeven. We vermoeden dat we de rivier terug over moeten en dan de autoweg op, waar we bij voorkeur niet fietsen. Van de Duitsers horen we later dat er wel een fietsroute was. We zien echter andere fietsers en de man op E-bike zegt dat we gewoon hem moeten volgen. Het is een heerlijke afdaling. Dan zien we andere fietsers staan die teruggekomen zijn van het deel waar wij op af rijden. Zij zeggen dat je daar niet langs kan.

Intussen zijn we een stuk verder en gedaald, vanaf het punt waar de omleiding stond aangegeven. Daar staan we te twijfelen. De man en vrouw gaan door en zeggen hen te volgen, terwijl de tegemoet komende fietsers zeggen dat het niet kan. Ik kijk nog voorbij de bocht; de man en vrouw zie ik inmiddels niet meer. De mensen die zeiden dat het niet kon, zijn door een open bouwhek vertrokken die intussen gesloten is door een bouwvakker. Eigenlijk willen we ook via die kant verder. We wachten tot de bouwvakker zijn machine wat verplaatst heeft en gelukkig laat hij ons daarna het hek ook passeren en vinden we vlot onze vervolgroute weer.

Ook hier kerken, klooster, kastelen op de hellingen.

Bij een Spar supermarkt haal ik een kaasje en spinazie voor de maaltijd. Via het mooie ommuurde dorpje Glorenza -Glurns voor de Duitstaligen danwel Tirolers- fietsen we aan het eind van het dorp via het fietspad direct na de poort, naar een mooie camping.

Het ligt langs de rivier en heeft 2 plateaus. De tenten staan op het hogere deel direct aan het riviertje; net als de vorige nacht horen we de rivier.
De beheerder van de camping heeft ietwat sarcastische humor. Voor de douche betaal je hier €0,50, typisch is dat de mannen hiervoor 3 minuten kunnen douchen en vrouwen 4 minuten.

We ontmoeten hier weer de Duitsers van twee dagen geleden en praten bij. Toen dachten we nog de route via de hogere pas te nemen. De Rohloff wordt getest, de ervaringen van tenten en slaapzakken besproken en vergeleken. Zij hebben Hilleberg Kaitum3 of Keron3; deze heeft een grotere binnen tent, 2 uitgangen en geen GT (extra grote) voortent.

Donderdag 13 september
82 km
Camping €

Op ons gemak staan we op. Het is één van de fijnste campings; sowieso met het mooiste zicht op de bergen. We spreken met de Duitsers, testen hun remschijven, ik typ mijn verhaal en spoel nog wat kleding uit. Half 12 zitten we op de fiets op weg naar de betaalbare en positief beoordeelde camping 82 km verderop. We doen nog een kort ommetje door Glorenza.

De route is vrijwel geheel dalend dan wel vlak. De Stelvio laten we aan anderen; die gaan we niet fietsen, zeker niet met bepakking. Maar ook niet omdat hier waarschijnlijk veel verkeer is, wat niet trekt.

Het is warm en zonnig, vanavond valt er mogelijk regen. Het is duidelijk een appelroute. Nooit geweten dat hier zoveel appels geteeld worden. Het blijkt dat 10% van de appels die in Europa verhandeld worden hier uit Zuid Tirol komen. 80 km fietsen we door appelboomgaarden en/of hebben er wel zicht op. We komen door rustige, dromerige dorpjes en raken zelf ook in dromerige toestand. In de verte zien we een gletsjer. En ook hier zien we soms een kasteel of burcht op de helling.

Wat een verschil met Duitsland waar de appels duidelijk niet voor de handel waren en we gerust een appel konden plukken. Dat kunnen we hier niet maken. Er is echter een initiatief van kinderen om de wat pokdalige appels aan de passanten aan te bieden tegen een vrijwillige bijdrage. De kinderen zitten op school en er staat een kistje voor het geld. Toevallig komt hun moeder net op de tractor aangereden. Voor de 2 appels doe ik 50 cent in het kistje. We praten met haar en ook hier is er sprake van dat groente en fruit om de gekste redenen afgekeurd worden. Als men niet oppast moet je zelfs voor straf betalen i.p.v. dat je geld ontvangt voor je oogst. Er zijn machines die foto’s van het fruit maken; de opbrengsten van de oogst wegen nauwelijks op tegen de onkosten die men maakt…. als ik het Duits en wat Engels goed begrijp.
Ik vertel haar van de actie waarbij een boer een afgekeurde partij tomaten aan restaurants, die koken met etenswaar dat bijna over de datum is, aanbood. Die restaurants konden het niet allemaal verwerken en gaven het op hun beurt weer weg, wat rijen veroorzaakte. Gisteren las ik een artikel van een Nederlandse boer die paprika’s op het land heeft gestort omdat hij ze niet kon verkopen. Triest hoe onnodig kieskeurig hiermee omgesprongen wordt.
We moeten nog 4 appels meenemen; een extra vrijwillige bijdrage slaat ze af.

We fietsen veel langs de rivier Adige; een fors en helder stromend riviertje zoals de Inn in de afgelopen dagen. Waarschijnlijk zijn dit leuke plekken voor rafters. We zien ook Demeter appels, dus een deel hier zal biologisch geteeld worden.

In de vallei hebben we stukken met tegenwind. Lunchen doen we aan één van de picknicktafels die hier regelmatig langs het prachtige fietspad staan. Er wordt veel (elektrisch) gefietst. De lunch is aan de late kant; Michiel voelt zich daarna nog leeg. Ik rijd op kop en vang de wind op.
Via een haarspeldenfietspad, heerlijk zonder auto’s, langs grote stoelen met zicht op het in het dal gelegen Merano, langs een zitje onder een prieeltje waar we fris water tappen, rijden we de stad in.

De route leidt gek genoeg niet door hartje centrum, wat we wel hadden verwacht, gezien de lus die erin zit. Bij de gezellige boulevard genieten we beiden van kastanje en walnoot-vijg schepijs. Deze suikers geven Michiel vervolgens goede energie om door te trappen naar de camping. Nabij het centrum staan grote decadente huizen.

Vanaf de boulevard hebben we zicht op het Thermenhotel, een man loopt naakt over de buitentrap naar het terras. Ik zie een stel in Tiroolse kleding en zie mijn kans schoon er achteraan te rennen en er plaatjes van te maken; we zagen het al eerder, maar het fotograferen was er nog niet van gekomen.

Vlot en soepel verlaten we de stad. In een supermarkt in Lana lukt het me vlot een maaltje bij elkaar te scharrelen (courgette, paprika, feta en bloedsinaasappelsap). Dit eten we dan met de bulgur die we nog hebben. Vanaf Lana fietsen we weer door de appelboomgaarden; ditmaal over een autoweggetje. Tweemaal zien we te midden van de boomgaarden een leuke horeca gelegenheid liggen; we voelen ons te vies en zweterig om daar neer te strijken.

De eigenaar van de camping ziet ons al aankomen. Hij brengt ons direct naar een plekje, laat het afvalscheidingssysteem en het sanitair zien. Na het opzetten van de tent nemen we een douche, wandelen door het plaatsje en twijfelen of we daar eten of zelf zullen koken. De pizzeria lijkt ongezellig, andere tentjes oubollig of te sjiek voor ons op slippers. In de schemer koken en eten we, met de kaarsjes op tafel. Het is een warme droge avond, niet klam. Regen valt er nog niet, misschien in de nacht. Ook deze camping heeft 2 niveaus en ook hier staan we op de hoogste.

Het is een beetje zonde dat de auto’s naast de tenten en caravans staan op de mooie stukken groen. Waarschijnlijk hebben ze geen eigen parkeerplaats;  aan de overkant van de straat wel, maar of dat gebruikt mag worden is me onduidelijk. Op de achtergrond horen we live muziek van andere gasten. Jaloers kijken we naar onze buren met een wijntje; flessen wijn meesjouwen op de fiets doen we niet. We grappen dat we wat van hun wijn gaan jatten in het donker.

Vrijdag 14 september
79 km
B&B € 73 incl. ontbijt en taks

We doen nog een klein wasje voor vertrek. De camping rekent een grote tent i.p.v. een kleine wat ons verbaast. Als Michiel later de bon krijgt, stipt hij dit nog aan. Een kleine tent voor €8 gaat om een éénpersoonstent. Dat is een duidelijk verhaal.  Dat er van de resterende tenttarieven van € 9 en €11, voor ons trekkerstentje €11 gerekend wordt, vinden we vaag. De tent van onze buren is toch echt fors groter. Het is overigens prima; het verblijf hier was goed.

Bij de bakker nemen we nog wat te snoepen en neemt Michiel zijn eerste Italiaanse cappuccino. Het tafeltje is een boomstronk…suggestief is er een stokje in gestoken. De banken zijn van pallets.

Met de eigenaar spreken we over het feit dat hij Duitse roots heeft. In deze regio is Duits, ook op school, meestal de eerste voertaal, dan Italiaans, gevolgd door Engels. We vertellen in ons boekje gelezen te hebben dat in de jaren 60 een opstand geweest is omdat men meer autonomie hier in Duits-Italiaans Tirol wilde – wat oorspronkelijk bij Oostenrijk hoorde. “Ah, staat het in jullie boekje”, reageert hij. Hij vertelt dat het om een kleine opstand van zo’n 10 personen ging, die de waterkrachtcentrale lam legde, waardoor het niet Tiroolse noordelijke deel van Italië zonder stroom zat. Hij is heel tevreden hoe het nu geregeld is rondom de autonomie.

Rond het middaguur zitten we op de fietsen en gaat het weer door de appelboomgaarden. De bergen zijn iets grilliger. Met in de verte nabij Bolzano, de toppen van de Dolomieten. Voorbij Bozen, dus Bolzano, is het flink klimmen; we zien zowel veel appels, als ook wel druiven. Deels lijkt het fietspad daarna een oude spoorlijn te volgen. Het is een klamme dag vandaag; als je stil staat is, voel je het zweet nog sterker. Het is vaker zo dat als we een relatief makkelijke route hebben -niet veel stijging, vooral dalen of een korte afstand-, het niet vanzelf gaat. In het begin zit ik niet direct in een lekker ritme en stemming, al is het verder niet dramatisch.

Even valt er wat regen…daar hadden we niet echt op gerekend; afgelopen nacht heeft het overigens niet meer geregend. Onder een afdak bij een garage schuilen we even; een regenpak aantrekken bij deze temperaturen is niet nodig, maar onnodig nat laten regenen ook niet. We eten een stukje van het crackerbrood met kummel van de bakker.

Later genieten we van ons eerste bord Italiaanse pasta bij een eettentje. Michiel neemt, zoals het hoort, espresso toe. Zo testen we vandaag culinair Italië; vanavond zal de pizza nog volgen. We doen er nog wat extra olie en flink wat Parmezaan over. Onze route gaat via een fietspad over een dijk door de appelboomgaarden. Deze flinke hap eten lijkt toch wat te laat geweest te zijn voor Michiel, die het nu de rest van de route pittig heeft. 16 km verderop nemen we pinda’s en een mueslireep en vlak voor Trento geef ik hem nog twee repen.

Vandaag hebben we twee Warmshoweradressen aangeschreven van wie één heel snel antwoordt dat het niet uitkomt en we van de ander geen reactie krijgen. In het deel na de pastalunch, vernauwt het dal zich bij Salurn, al blijft het nog te breed om het een kloof te noemen. Er staat een straf windje. Wisselend haalt een groepje mountainbikers ons in of wij hen. Dat laatste mede omdat ze op elkaar wachten; een deel van de groep fietst sneller dan wij, een deel langzamer. Ik ga op kop; Michiel is leeg vanmiddag. Het is een mooi, fijn fietspad.

Soms, met name in steden als er muziek aanstaat, heb ik een gevoel van lichte melancholie. Herinneringen aan vakantie, ook wel nostalgie. Ik kan het niet goed in woorden duiden; wel dat ik me bewust ben van het vakantiegevoel – van het elders zijn en daarvan genieten, het onderdompelen in de andere omgeving, het onverwachtse en soms denken aan dierbaren die dit nu niet mee beleven-.

Via een kade, een beetje zoals in juni bij Heidelberg met platanen, fietsen we richting centrum. Dan slaan we linksaf en rijden op het plein met de Dom en het Kasteel af. Een Dom, maar anders dan de Dom van Utrecht. We spreken kort met Vlaamse fietsers die hier met een groep zijn; zij vindt de kerk heel mooi.

Michiel raadpleegt booking.com; hij had al eerder georiënteerd en we besluiten het op een B&B te wagen nabij het centrum, zodat we hier kunnen genieten. We bellen de nummers die op de gevel genoemd staan; de eerst neemt niet op, de tweede spreekt Spaans en verwijst ons naar de derde, die zegt dat hij iemand stuurt. Het bellen lukt nog net met een restje stroom in de powerbank. Vlot staat er een Engels sprekende dame voor onze neus. We hebben keuze uit twee kamers; we kiezen voor de grote met een tweepersoonsbed en de fietsen mogen in de gang. De fietsen zijn mede de reden dat we niet op voorhand via booking.com gereserveerd hebben, want we willen dan eerst weten wat de mogelijkheden voor het stallen weten. En online last minute bij een B&B informeren weten we ook niet hoe snel we reactie krijgen. Ze geeft nog wat tips over restaurants, met name 2 pizzeria’s.

In de gele huisjes links, bevindt zich de B&B

Michiel gaat geld pinnen, terwijl ik de registratie regel. Vanaf ongeveer deze stad is het Duits niet langer de voertaal en gaan we over op het Italiaans, dat we zelf niet machtig zijn. Tot hier zagen we de plaatsnamen en teksten vaak in beide talen aangeduid staan.

We lopen even naar binnen bij één van de genoemde pizzatenten. Deze is gecombineerd met een bierbrouwer. Het restaurant heeft veel ruimtes en volgens de B&B is hier plek voor honderden gasten. Maar wij gaan voor een grotere pizza bij het wat modernere, minder origineel ingerichte La Grotta. We verheugen ons op een grote pizza, waar ze bij La Grotta bekend om staan. De locatie heeft ze niet juist ingetekend op de kaart, maar het pleintje waaraan het ligt, vinden we wel. Groot zijn de pizza’s inderdaad. Menigeen krijgt de pizza niet op en neemt de restanten mee in een pizzadoos. Onze buren nemen de resten niet mee. Semi-serieus zeg ik tegen Michiel dat we de punten wel kunnen inpikken als ze weg zijn. Als ze weg zijn, pakt hij een niet aangeraakte punt. Dat had ik niet verwacht; ik vind het wel een mooie actie. Beiden hebben we er moeite mee als eten weggegooid wordt.
Er liggen verpakte soepstengels om al wachtende op de pizza alvast te knabbelen. De ham van Michiels pizza krijgt hij er apart bij.

We slenteren terug door het leuke stadje. Er zijn veel mensen op straat, her en der is muziek. Mogelijk mede omdat het weekend nu is gestart. Een deel van het winkelcentrum is bestraat met marmeren stoeptegels in deze marmerstad. Meerdere keren komen we een bedelaar tegen; ik houd in de gaten dat hij ons niet achtervolgt.

Rond 23 uur zijn we weer in de keurige B&B; een huis dat de familie niet meer gebruikt. De kamer naast ons wordt niet verhuurd, dus is het gedeelde sanitair nu privé. De mensen boven hebben daar hun sanitair.

Zaterdag 15 september
22 km
Camping € 20

We genieten van een stevig ontbijt; vooral de yoghurtjes met cruesli gaan er goed in. Verder is er appelcake, voorverpakte broodjes, sapjes, thee en koffie.

De vriendelijke medewerkster spreekt met name Italiaans, maar met wat Engels, Spaans en handen en voeten, communiceren we een beetje. Als tijdverdrijf hoeven we dat verder niet te doen; zij vermaakt zich prima met haar smartphone.

In de stad strijken we even neer op een rustig plein met zicht op de oude muur. Deels aantekeningen makend voor het verslag en verder lekker genietend van het leven hier. Intussen laat ik het Italiaans tot me doordringen. Een jongetje lijkt zijn fietsrecord te verbeteren; zijn vader neemt de tijd op. Zijn beentjes gaan flink tekeer, het zadel zou wat hoger mogen. Om beurten wandelen we de Dom in; ik pik een stukje van de kerkdienst mee. Buiten luisteren we naar conservatoriumstudenten.

Nogmaals bekijken we het plein grenzend aan het kasteel en de Dom – de plek waar we gisteren arriveerden en ons toen vooral richtten op het vinden van een overnachtingsplek. De straatjes ogen gezellig, de panden zijn soms versierd met verbleekte schilderingen -fresco’s- op de gevels. Er zijn diverse leuke aparte winkeltjes, al komt een hondenwinkel, met o.a. “kleding”  voor honden dan wel weer wat overdreven over.

Bij het andere kasteel, Castello del Buonconsiglio, vinden we een entree zonder trappen en kunnen we de fietsen meenemen. Het is warm, binnen de muren van de kasteeltuin blijven we in de schaduw. Een mooie plek waar we ook nog gebruik maken van keurige toiletten. Hier is zelfs een familietoilet, de toiletruimte heeft zowel een normaal als een verlaagd kindertoilet.

Vandaag fietsen we slechts 20 km naar het eind van het meer Lago di Caldonazzo. Bij het begin van de route staat ons een klim te wachten, waar we ons mentaal op voorbereiden. We nemen een mueslireep. Na de pizza van gisteren en het stevige ontbijt van vanochtend, is dat waarschijnlijk voldoende. Bij 30 graden fietsen we omhoog. Soms zijn er pittig steile stukjes waarbij m’n benen even verzuren. In 5 km stijgen we 300 meter.  Vlotter dan verwacht zijn we boven; de ogen vollopend met prikkend zweet.

We kijken hier op het dal met de volgende stad waar we direct weekendboodschappen halen voor 2 dagen. Een man moet een paar keer langs onze fietsen om zijn auto te bereiken. In het Italiaans en een enkel woord Duits spreekt hij tegen me; de wijnlucht komt me tegemoet. Hij vermoedt dat in Venetië morgen, de tweede zondag van september, de regatta -jaarlijkse roeiwedstrijd- plaatsvindt. Later kom ik erachter dat dat 2 september was.

De route is, ondanks dat deze niet over een fietspad gaat, qua hectiek en verkeersgedrag wel goed te doen. Het gaat vrijwel geheel door de bebouwde kom. Bij het meer zijn veel campings – in dit deel al 5 stuks i.p.v. de 3 die genoemd staan in ons boekje.

Eind van de middag vinden we een prima plek onder platanenboom-parasols op de camping. We nemen nog een duik in het meertje aan de andere kant van het weggetje. Een jongen van de botenverhuur vraagt Michiel om te helpen een bootje op de steiger te trekken. De zon verdwijnt nu regelmatig achter de wolken, wat het fris maakt. Op het grindstrandje lezen we nog even, alvorens  een lekkere pastamaaltijd met gevulde pasta, aubergine, wortel, champignons en een vegieburger te maken. Het is niet klam vandaag. Ook hier zijn wat muggen, zoals op de vorige camping.

Deze camping heeft zowel gewone als hurktoiletten, beiden zijn uitgerust met waterslang voor de billen. Al vaker heb ik me bij dergelijke toiletten afgevraagd of en hoe dit werkt zonder er een waterballet van te maken.
In Italië wordt veel aan afvalscheiding gedaan; we zagen dat ook in Duitsland en Oostenrijk, hier is het mogelijk nog meer.

Ik voel vanavond kriebel in m’n keel; is er verkoudheid op komst?

Zondag 16 september
73 km
Camping € 10; douche €2 p.p

We overleggen of we wel of niet op deze camping blijven. We zijn sowieso op tijd voor de geboekte B&B in Mestre, nabij Venetië, waar we vanaf woensdag 2 nachten verblijven. Dat is 2 dagen fietsen, dus we kunnen hier een pauze inlassen. Andere optie is doorfietsen en maandag op een camping nabij Venetië gaan staan. Voordeel is dat we dan ook de dinsdag hebben om Venetië te bekijken. Vrijdagochtend nog op en neer naar Venetië, alvorens we terug treinen, heeft alleen zin als we heel vroeg die kant op gaan. Met een lange treinreis in het verschiet, is dat niet aanlokkelijk.
Verder is het nog de vraag hoe laat we woensdag bij de B&B welkom zijn. Dat betekent dat we mogelijk alleen de woensdagmiddag en donderdag hebben om Venetië te bekijken. Daarom besluiten we vandaag verder te gaan, zodat we meer tijd hebben Venetië te bekijken. En als we even genoeg hebben van de stadse hectiek, creëren we daar onze ontspanmomentjes wel.

Ik voel me niet geheel fit met kriebel in de keel en Michiel is nog wat duf. We strijken neer bij een Bicigrill voor koffie en cappuccino waarvan ik met name het schuim neem. Daar schrijf ik direct weer een deel van het verslag. Er komt een rits Fiat 500’s aan, er wordt zelfs een oude auto binnen geparkeerd.

Borgo Valsugana – met foto expositie in tunnel

Hier in Italië, en ook in Oostenrijk meen ik, zijn de nodige horecagelegenheden gericht op de fietser. Ik vermoed dat de E-bike voor een toename zorgt van deze gelegenheden en bijkomende inkomsten. Dagelijks zien we recreatieve fietsers.

Het is een prachtige route door het dal tussen de bergen, later vernauwend tot een kloof, waar we ook geacht worden een stukje te lopen bij een deel waar een overkapping van gaas is om eventueel afbrekende stukken rots op te vangen. Het is rustig. “Zondag-Italië lijkt in rust, er zijn alleen de fietsers”, schiet het door mijn hoofd. Dat geldt overigens niet voor de gehele route, aan het eind is het wat drukker als we weer op de weg rijden. Maar een groot deel is een rustig fietspad met ongelijkvloerse kruisingen dan wel gelijkvloerse kruisingen zonder voorrang, maar die gelukkig vaak rustig zijn. De sfeer is vredig met fietsende gezinnen, racefietsers en bepakte fietsers.

 

Vandaag zijn er op de route een aantal keer stukken fietspad die totaal niet of slechts als gestippelde track in Openstreetmap staan. Het is goed om dat aan te passen en door te geven aan Reitsma, de uitgever van het routeboekje.
Ook vandaag, zoals vrijwel alle dagen, weer de geur van springbalsemien. Af en toe zien we nog een appelboomgaard. Het is een dag met zowel zon als bewolking en het is behoorlijk klam.

Na de kloof is er horeca met o.a Gelateria Al Confin. We genieten van heerlijk schepijs –witte chocolade en ricotta-vijg; ditmaal gelukkig weer in harde koekhoorntjes i.p.v. de zachtere (kinder)hoorntjes. Ook kan het in een papieren bekertje of emaillen mok besteld worden.

De laatste 25 km naar Bassano del Grappa gaan via de weg. Voor ons wordt dat wat korter omdat we aan het eind onze eigen route naar de camping zoeken. Er blijken overigens wat stukjes fietspad bijgekomen te zijn. De laatste 15 km zijn wat drukker. De camping zijn we via Archies op het spoor gekomen en zullen we eveneens doorgegeven aan Reitsma.

Om de camping te bereiken gaan we een loopbrug naast een aquaduct over en kruisen we zowel het kanaal dat over het viaduct wordt geleid, als de rivier waar het aquaduct overheen gaat , wat ik op dat moment niet door heb. Later kunnen we terug over het kanaal , nog een flink stuk fietspad volgen en dan via rustige weggetjes het land oprijden. Het terrein lijkt door doorgaande fietsers gebruikt te worden, daarnaast komen er auto’s voor het restaurant dat gezellig oogt.

De camping richt zich met name op campers, waar ze 10 plekken voor hebben, maar tenten zijn ook welkom. Wij staan op een picknickveld met olijfbomen waar 2 mensen nog aan het mediteren zijn. Het is een zorg landgoed – Conca d’oro – Fattoria Social -, waarbij mensen met mentale beperking helpen in het restaurant en bij het verbouwen van de gewassen.

Het is de goedkoopste camping tot nu toe. Er is één toilet en één douche in de toren; deze zijn niet appeltjesfris, maar desondanks is het hier een prima plek om te vertoeven. Zoals altijd zetten we eerst de tent op. Dan koken we, douchen gezamenlijk en lezen aan de picknicktafel.

Maandag 17 september
93 km
Camping Serenissima  € 44,80 voor 2 nachten; €22,40

Ik heb een beetje een stijve kaak als ik ’s ochtends wakker word; vaak is dat een teken van een startende verkoudheid.

Er hangt ’s ochtends een heerlijke geur van hout gestookt vuur. De mensen zijn al aan het werk en soms horen we dierengeluiden die waarschijnlijk van één van hen komt.

We moeten even zoeken bij wie we kunnen betalen. Als we langs een van de jongens lopen, slaakt hij een dierachtige kreet uit. Het komt, ondanks dat we het al eerder hoorden, toch onverwacht en ik krijg de slappe lach en bedenk me dat het maar goed is dat ik hier niet met Christel ben. Ik denk dat we dan in een enorme lachbui zouden belanden.
Het is warm vandaag, heel warm. We zoeken m.b.v. de gps de route naar Bassano del Grappa. Hier bewonderen we de mooie, oude houten wandelbrug, bij elkaar gehouden door spanbanden. Onlangs stortte er een andere brug in Italië in, een brug van een ander kaliber. Deze brug ziet er waarschijnlijk beroerder uit, maar gelukkig denderen hier geen auto’s overheen. Typisch is dat deze brug 2 namen heeft, Ponte Vecchio en Ponte degli Alpini.Het plaatsje is bekend om zijn keramiek -wat ik in de etalages zie is niet mijn smaak- en de grappa, een jeneverachtige drank. Bij een bakker halen we brood en eten dit op één van de pleinen op. We fietsen langs een grote begraafplaats die we bekijken en waar we dankbaar gebruik maken van de aanwezige (hurk) toiletten. Op veel graven zien we foto’s van de overledenen, dat zagen we eerder ook al eens.

 

In de hitte fietsen we door een saai landschap; het minst inspirerende deel van de gehele route. Ergens doet het denken aan de rommelige inrichting van België. Het laatste stuk langs een kanaal, doet me denken aan het fietsen langs de Vecht, echter dan de lelijke versie. We rijden vooral op wegen; de rijstijl valt ons overigens nog mee.  Het is veel afslaan en daar waar er fietspaden zijn is het om hekjes slalommen, stoepen op en af, enz. Kortom…in een goede cadans komen we niet.

Het plaatsje Citadella is het meest unieke vandaag; met zijn cirkelvormige centrum dat geheel ommuurd is door een ronde, hoge stenen muur. De plattegrond binnen de muren ziet er grappig uit op de gps, met al zijn ruitjes. Het is warm met weinig schaduw in dit vlakke land.

Korte verrassende momentjes zijn het zien van een kiwiboom, een stukje fietspad dat mogelijk een oude spoorweg is omgeven door bomen -dus schaduw-, een stukje fietspad langs een riviertje met een paar kunstwerkjes en de stank van een kippenboerderij, maar dat laatste verrassende had niet gehoeven. Op de fietspaden zijn af en toe salamanders die soms bijna onder mijn wiel terecht komen, alsof ze onderling een spel spelen wie het meeste lef heeft.

Rond siëstatijd lijkt het rustig op de weg, later zijn er weer meer auto’s. We willen graag sap. Als de winkels weer open lijken te zijn, heeft de eerste niets gekoelds. In de supermarkt haalt Michiel wat, nadat ik hem toe knik dat hij naar binnen kan, als een man een gesprek is gestart waarvan we niet weten wat de bedoeling is. Hij komt uit Nigeria en is hier vier jaar, is afgewezen, is nog bezig met zijn advocaat, mag niet werken en krijgt hier bij de supermarkt van sommigen wat geld toegestopt.

De huizen zijn hier vaker omgeven door hekken en er lopen kleine blaffende hondjes. Meestal zijn zij achter het hek, maar één komt op Michiel af. Als ik rustig langs een tuin fiets, kan ik enorm schrikken van onverwacht geblaf. Tja honden zijn voor menig fietser een bron van ergernis.

Bij een minisupermarkt haal ik ingrediënten voor het avondeten. De miniboerencamping is verlaten, we bellen het genoemde telefoonnummer niet en besluiten naar de grote camping te gaan. Deze oogt prettiger dan verwacht met vriendelijke mensen en goede plekken. De camping dient als prima uitvalsbasis voor Venetië, met een busverbinding pal voor de deur. Al met al een aparte laatste fietsdag hier. Wat een contrast qua omgeving en fietspaden met de dag ervoor. Vandaag hebben we drie racefietsers en wat stadsfietsers gezien, maar niet recreatief zoals de afgelopen periode.

Deze camping heeft een buitenkeuken, wat het koken makkelijk maakt. Het sanitair en met name de douches en toiletten ogen oud en vies. Deuren die niet afgenomen worden, te kleine wc brillen waardoor de pot uitsteekt e.d. En we worden hier lek geprikt door muggen. Ondanks de warmte doen we bedekkende kleren aan, waar ze overigens dwars doorheen steken. Op deze camping zien we meerdere Nederlandse kentekens.

De camping heet Serenissima de andere naam voor Venetië. Van Anna, de gids in Venetië zullen we leren dat dat zuiver-puur-sereen betekent.